WK 1994 – Clemens Westerhof

Verhaal uit Ondertussen – Wonderlijke WK-verhalen

WK 1994 – Avontuur in de jungle voor Clemens Westerhof

Wonderlijk hoe het leven van een trainer kan verlopen. Clemens Westerhof uit Beek (Gld) was na onthullingen over dopinggebruik in het betaalde voetbal op een zijspoor beland. De voormalige Feyenoord-trainer was afgezakt tot de vierdeklasser Westervoort. Zijn carrière leek op een dood spoor, maar op 10 juni 1989 veranderde zijn leven. Hij kreeg plotseling de aanbieding  om bondscoach te worden van Nigeria. Het begin van een exotisch avontuur als een van de eerste Nederlandse voetbalcoaches in het buitenland.

Westerhof kreeg de tijd om het nationale elftal te hervormen en had het geluk grote talenten tot zijn beschikking te hebben, zoals Okocha, Oliseh, Amokachi en Finidi George. Westerhof was een opschepper, een straatvechter: brutaal, maar doortastend. Het voetbal in Nigeria was nauwelijks ontwikkeld en hij trof zoals hij zelf zei een ongeorganiseerde bende aan. Geen faciliteiten, kennis, visie, discipline; slechte logistiek en organisatie. Hij zorgde dat hij goede politieke contacten kreeg en deed, volgens eigen zeggen, rechtstreeks zaken met dictator Abacha.

In 1990 haalde hij Jo Bonfrère naar Nigeria als assistent. Een gouden greep; de Limburger deed de trainingen en bracht de ploeg tactisch inzicht bij. De man achter de schermen. De topspelers trokken echter meer naar Bonfrère, hetgeen de relatie met Westerhof al snel niet ten goede kwam. De twee smeedden toch een goed team dat grote successen boekte. De Super Eagles wonnen in 1994 de Afrika Cup. Bij de prijsuitreiking wilde Westerhof Bonfrère niet op het podium hebben, weer een barst in hun verhouding. Kwalificatie voor het WK in Amerika was geen probleem, al beweerde Westerhof later dat dit niet alleen door goed voetbal kwam: “Elke scheidsrechter die ons in Lagos floot kreeg een kleurentelevisie, 5000 dollar en elke nacht twee dames”.

Op het WK was Nigeria de grote outsider dat een gooi naar de titel leek te kunnen doen. De ploeg imponeerde tijdens de groepsfase en eindigde als eerste in een poule met Argentinië, Bulgarije en Griekenland. Het succes leidde ook de val in. Westerhof verloor de grip op de spelers. Deze stortten zich na de eerste zeges in feestgedruis met bevallige dames, aangeboden door de minister van Sport. Westerhof wilde verhuizen naar een rustiger hotel om een eind te maken aan de zoete inval. Het lukte hem niet de orde te herstellen.

In de achtste finale tegen Italië leek er aanvankelijk niets aan de hand. Nigeria nam in de 26e minuut door Amunike uit een hoekschop een 1-0 voorsprong. Daarna schakelden de Adelaren over op gallery-play. Ze dachten dat ze er al waren en wilden Italië een lesje leren. Na de rode kaart voor Zola leek de strijd helemaal beslist. Vlak voor het einde verzuimde Oliseh de bal de tribune in te rossen en wilde Baggio door de benen spelen. Het balverlies leidde een vloeiende Italiaanse aanval over rechts in die door Baggio doeltreffend werd afgerond. 1-1, verlenging. De krachten vloeiden weg en na een gemakkelijk gegeven strafschop velde Baggio het vonnis. Exit Nigeria.

De Afrikanen en Westerhof waren zwaar teleurgesteld in de wetenschap dat er meer in had gezeten, wellicht zelfs de finale. Westerhof vertrok per direct, al zou hij in die zomer nog veel verdiend hebben aan transfers van de topspelers. Zelf heeft hij dat altijd ontkend. Hij bleef in Afrika en trouwde met een fotomodel uit Zimbabwe. Na de scheiding dook hij onder, waarna hij tijdelijk als vermist werd opgegeven. In 2014 keerde hij terug naar Nederland.

Tussen Westerhof en Bonfrère barstte de bom later en kwam het nooit meer goed. Beiden wilden er nooit meer over praten. Jo Bonfrère nam de taak als bondscoach in 1994 over. Hij wist met dit topteam wèl een grote prijs te winnen. Op de Olympische Spelen in 1996 in Atlanta won hij met grotendeels dezelfde spelers (onder 23 jaar) de gouden medaille met Ajacied Kanu als beste speler. Nigeria kwalificeerde zich daarna voor bijna elke eindronde (behalve 2006), maar de kans om op een WK-eindronde minstens bij de laatste vier te eindigen was nooit zo groot als in 1994.

Meer verhalen in het boek Ondertussen, via deze site te bestellen.